Tagarchief: Verkeerstoren

De ‘Regievoerend Rechter’

In mijn vorige bijdrage bepleitte ik afschaffing van het appointeringsvoorstel door een verzoek om regie te voeren. In plaats van de dagbepaling en de dagvaarding zou de overdracht van het dossier en de beschuldiging aan de rechter met het verzoek regie te voeren de aanvang moeten zijn van voorzittersbeslissingen, getuigenverzoeken, getuigenverhoren en het informeren van de verdachte. Door het creëren van een dergelijk regiemoment zou de verdediging daadwerkelijk in staat kunnen worden gesteld om zich tijdig actief op te stellen. Tevens zouden termijnen voor het doen van verzoeken tegen het gunstiger verdedigingsbelang gekoppeld kunnen worden aan dit nieuwe (rechts)moment waarop de rechter wordt ingeroepen om regie te voeren. In plaats van een (kort) moment voor de zitting bereiken de verzoeken de rechter op een moment nadat de verdediging daartoe goed in de gelegenheid is gesteld. Dagbepaling en dagvaarding zouden vervolgens pas moeten geschieden nadat over verzoeken tot het doen van nader onderzoek is beslist en met in acht neming van het moment waarop dat nader onderzoek is afgerond. Nadien ingediende verzoeken zouden in dit model slechts voor toewijzing vatbaar zijn indien de rechter dat voor de waarheidsvinding en verwezenlijking van een eerlijk proces noodzakelijk acht, maar een goede regierechter zal daar in de voorfase natuurlijk op (moeten) anticiperen. Lees meer …

Regievoering vóór dagbepaling en dagvaarding. Een pleidooi voor vervanging van het appointeringsvoorstel door een verzoek om regie te voeren.

De verkeerstorens in het land hebben het niet makkelijk. Ze staan voor een immens ingewikkelde organisatorische klus, waarin ze een vorm van samenwerking en zaaksturing dienen te bewerkstelligen tussen OM en ZM die moet kunnen bouwen op steun van de binnen- en buitenwereld. Effectieve samenwerking en eenduidige sturing, waarbij elke schijn van ‘handjeklap’ dient te worden vermeden (dat is de kritiek van de buitenwereld) en waarbij het eigenaarschap van officieren van justitie en rechters dient te worden behouden (daar ziet de kritiek van de binnenwereld op). De evenwichtskunstenaars die thans verkeerstorens bouwen verdienen daarom reeds alle lof en respect. Lees meer …

Wat de Nederlandse strafrechtspraak kan leren van de Antwerpse haven

Eerder maakte ik in mijn bijdragen een stapje buiten de Nederlandse rechtspraak. Zo keek ik voor het rooster naar de KLM en voor het (relatieve) belang van goede facilitering naar Suriname. In die lijn wil ik deze keer aandacht vragen voor de Antwerpse Haven waaraan een team van het Arnhems-Leeuwarder gerechtshof half december een studiebezoek bracht. Een bezoek dat voor iedereen in de strafrechtsketen valt aan te bevelen. De hoeveelheid vracht die je daar in een middag voorbij ziet komen, doet je als radertje in de strafrechtsketen klein voelen. Tienduizenden containers passeren de revue, terwijl de werkvoorraad van een gemiddeld gerecht waarschijnlijk in één container past. Lees meer …

In memoriam: de Arnhemse proeftuin en A-12

1. Inleiding
In 2009 heb ik de Arnhemse proeftuin ontwikkeld die in 2012 werd aangevuld met de Arnhemse A-12. Dit werkmodel voor de strafrechtspleging heb ik veelvuldig onderbouwd en is regelmatig gevalideerd. De kern was een zelfsturend team, een model dat in de bestuurskunde uitvoerig is beschreven. Dit team kende vele doelen en methoden, waarvan ik er enkele zal memoreren. Ik schrijf in de verleden tijd als ware het In Memoriam, omdat op de kop af vijf jaar na inwerkingtreding van het Arnhemse werkmodel de intern gebouwde verkeerstoren aantreedt die alle strafzaken in de hele afdeling gaat plannen en appointeren. Lees meer …

Digitaal werken in de verkeerstoren

In mijn vorige bijdrage sprak ik over de juridische mogelijkheden die de rechter in de verkeerstoren ten dienste staan om actief en activerend op te treden. Deze keer wil ik me richten op de digitale mogelijkheden die er ten behoeve van de verkeerstoren zijn. Omdat de verkeerstoren de verkeersstromen van de strafdossiers gaat managen ligt het voor de hand me daarbij te richten op het door Spir-IT ontwikkelde programma Divos. Divos staat voor ‘Digitale voorziening strafzaken’ en is een applicatie op basis waarvan rechters en hun ondersteuning, maar ook de beide procespartijen digitaal het dossier tot zich kunnen nemen. Daargelaten de cultuurverandering die op dit punt nog zal moeten worden bewerkstelligd, ligt Divos organisatorisch en technisch behoorlijk op stoom. Pakweg 80% van de politierechterzaken worden digitaal voorbereid en behandeld en voor wie het nog niet heeft gezien: vat iemand die wat met Divos in uw buurt te maken heeft in de kraag en gaat het zien. Het is een handzaam mooi programma dat het bestuderen van digitale dossiers goed mogelijk maakt. De applicatie zelf staat in ieder geval niet aan verdere digitalisering van het strafproces in de weg. Lees meer …

De verkeerstoren voor het proces. Zeggen wat je doet, doen wat je zegt

Laat ik beginnen met te beklemtonen dat het versnellen van strafzaken op zich in het vrijblijvende luchtledig hangt. Is 16 weken doorlooptijd beter dan 14 weken doorlooptijd? Op zich is er geen goede maatstaf voor de juiste looptijd van een strafzaak te vinden. Daarom moeten we de ratio van versnellingsprojecten in de sleutel van de wet plaatsen. Een belangrijke insteek is dat het appointement van strafzaken leidt tot afdoening van de zaak. Als de rechter het appointeringsvoorstel ondertekent, dan ligt er in beginsel een samenwerkingscontract tussen openbaar ministerie en strafrechter (met een derdenbeding ten gunste van de justitiabele, verdediging en benadeelde partij) dat op voorgenomen datum en uur de zaak inhoudelijk wordt behandeld en afgedaan, verschoonbare uitzonderingen daargelaten. De schaamte van de strafrechtspraktijk sinds 2000 is dat dit contract continu en vaak onverschoonbaar wordt verbroken. Als 90 % van de appointeringen van strafzaken na één zitting zou uitmonden in een eindvonnis of eindarrest zou er geen verkeerstoren nodig zijn en zou de rechtspraktijk de Nederlandse Nobelprijs voor tijdige rechtspraak krijgen.
De bijvangst van een nagekomen appointement voor de zittingsdruk en de financiën is niet te versmaden, maar de hoofdzaak daarvan is dat het Wetboek van Strafvordering tot gelding komt. Versnellingsprojecten en de eis van tijdige rechtspraak stoelen derhalve mede op het wettelijk appointement en niet op enig beleidsmatig speeltje. Appointeren is niets anders dan dat de rechter zegt wat ie gaat doen en vervolgens moet ie natuurlijk doen wat ie zegt. Daarom is het begrip van het wettelijke appointement de sleutel tot elke verandering rond het organiseren van strafzaken, of hoort dat te zijn. Bestuur en beleid moeten er op gericht zijn de strafrechter de appointeringsafspraak te laten nakomen. Natuurlijk zal dan de ene zitting ruimer of krapper geappointeerd zijn, maar het in één keer afdoen van het geplande aantal zaken zou mijn prioriteit zijn. Gelet op de hoge aanhoudingspercentages in de gerechten, tussen 25 en 60 procent, zal het afdoen van de zaak tijdens de (eerste) zitting al gunstig uitpakken voor de doorlooptijden en daarmee dienstbaar zijn aan tijdiger rechtspraak. Lees meer …