Tagarchief: Regie

Hoe ver reikt de inspanningsverplichting van de strafrechter bij de betekening?

Een verdachte heeft het recht om aanwezig te zijn bij de behandeling van zijn strafzaak. Een van de waarborgen om dat recht te bewerkstelligen is dat bij aanvang van de behandeling van een zaak beoordeeld wordt of de dagvaarding rechtsgeldig is betekend.

Het doel van de betekeningsregeling is de verdachte in kennis te stellen van de behandeling van zijn strafzaak en hem of haar op die manier in de gelegenheid te stellen daarbij aanwezig te zijn.[1] Omdat die inspanningsverplichting een voorwaarde is om de behandeling van een strafzaak aan te vangen, is de betekeningsregeling er op gericht het kennis geven van de strafzaak aan de verdachte zo snel en efficiënt mogelijk te laten geschieden. Dit geldt eens temeer daar de verdachte het recht heeft op een behandeling van een strafzaak binnen een redelijke termijn. Een recht dat ook slachtoffers en de samenleving toekomt. Nietigverklaring van de dagvaarding of het moeten aanhouden van de behandeling van een strafzaak omdat er sprake is van een betekeningsgebrek, leidt er toe dat een verdachte langer op de behandeling van zijn strafzaak moet wachten. Én, wanneer sprake is van een structureel probleem op dit punt, werkt die vertraging door in andere strafzaken. Rechterlijke en gerechtelijke capaciteit kan immers maar eenmaal worden ingezet. De wens om betekeningsgebreken niet te vaak in de weg te laten staan aan het aanvangen met de behandeling van de zaak heeft de wetgever er in 1994 toe gebracht het GBA-adres steviger als uitgangspunt te verankeren.[2] Tot veel verandering heeft dit echter niet geleid. Het aanwezigheidsrecht bracht mee dat de Hoge Raad allerlei nuances in de betekeningsregeling heeft aangebracht en aanvullende regels heeft geformuleerd. Deze wijzigingen zijn in het overzichtsarrest van 12 maart 2002 op een rij gezet en aangevuld en die regels zijn vervolgens gecodificeerd in de artikelen 588 en 588a Sv. Betekening op het GBA-adres is nog steeds voldoende voor een rechtsgeldige betekening, maar wanneer de verdachte op enig moment in de procedure een ander adres kenbaar heeft gemaakt dient ook een afschrift naar dat adres verzonden te zijn vooraleer de behandeling van een strafzaak zonder verdachte kan worden aangevangen.[3] Lees meer …

De ‘Regievoerend Rechter’

In mijn vorige bijdrage bepleitte ik afschaffing van het appointeringsvoorstel door een verzoek om regie te voeren. In plaats van de dagbepaling en de dagvaarding zou de overdracht van het dossier en de beschuldiging aan de rechter met het verzoek regie te voeren de aanvang moeten zijn van voorzittersbeslissingen, getuigenverzoeken, getuigenverhoren en het informeren van de verdachte. Door het creëren van een dergelijk regiemoment zou de verdediging daadwerkelijk in staat kunnen worden gesteld om zich tijdig actief op te stellen. Tevens zouden termijnen voor het doen van verzoeken tegen het gunstiger verdedigingsbelang gekoppeld kunnen worden aan dit nieuwe (rechts)moment waarop de rechter wordt ingeroepen om regie te voeren. In plaats van een (kort) moment voor de zitting bereiken de verzoeken de rechter op een moment nadat de verdediging daartoe goed in de gelegenheid is gesteld. Dagbepaling en dagvaarding zouden vervolgens pas moeten geschieden nadat over verzoeken tot het doen van nader onderzoek is beslist en met in acht neming van het moment waarop dat nader onderzoek is afgerond. Nadien ingediende verzoeken zouden in dit model slechts voor toewijzing vatbaar zijn indien de rechter dat voor de waarheidsvinding en verwezenlijking van een eerlijk proces noodzakelijk acht, maar een goede regierechter zal daar in de voorfase natuurlijk op (moeten) anticiperen. Lees meer …

Regievoering vóór dagbepaling en dagvaarding. Een pleidooi voor vervanging van het appointeringsvoorstel door een verzoek om regie te voeren.

De verkeerstorens in het land hebben het niet makkelijk. Ze staan voor een immens ingewikkelde organisatorische klus, waarin ze een vorm van samenwerking en zaaksturing dienen te bewerkstelligen tussen OM en ZM die moet kunnen bouwen op steun van de binnen- en buitenwereld. Effectieve samenwerking en eenduidige sturing, waarbij elke schijn van ‘handjeklap’ dient te worden vermeden (dat is de kritiek van de buitenwereld) en waarbij het eigenaarschap van officieren van justitie en rechters dient te worden behouden (daar ziet de kritiek van de binnenwereld op). De evenwichtskunstenaars die thans verkeerstorens bouwen verdienen daarom reeds alle lof en respect. Lees meer …