Tagarchief: Rechtshandhaving

Verwachtingenparadox en het OM

René Westra

Ondermijnende criminaliteit (1)
Op 7 januari 2017 was in diverse dagbladen te lezen dat een officier van justitie in een interview haar zorgen uitte over de moeizame aanpak van ondermijnende criminaliteit in Noord-Brabant. De verstrengeling tussen boven- en onderwereld leidt tot de vergelijking met Sodom en Gomorra. De geconstateerde witwaspraktijken komen in meerdere sectoren voor. De OvJ geeft vervolgens aan dat haar mogelijkheden beperkt zijn “door ontwikkelingen in de rechtsstaat”. Het gevolg is dat bestuurders daardoor meer verwachten van de fiscus dan van het Openbaar Ministerie. “Een strafproces is een logistieke nachtmerrie geworden, vooral als er meerdere verdachten zijn”.

Lees meer …

Meer interventies en aangifte doen bij het OM

Een interventie, waarvan het effect niet langer primair op de resocialisatie van de dader is gericht, maar op normbehoud en normherstel bij de oppassende burgers, inclusief het slachtoffer, heeft natuurlijk grote gevolgen voor het doen en laten van het OM. Ik zal die gevolgen stuk voor stuk in afzonderlijke columns bespreken.

Het eerste betreft de omvang van het aantal interventies. Die is in de afgelopen jaren stevig gedaald, zowel bij het OM als bij de rechter. Die laatste deed in 2014 nog maar krap aan 100.000 misdrijfzaken af tegen 125.000 tien jaar eerder. Bij het OM daalde het aantal ook, ondanks het veel ruimere sanctiearsenaal dat het via de strafbeschikking kreeg aangereikt. Beide dalingen zijn een rechtstreeks gevolg van de teruggang van het aantal door de politie geregistreerde misdrijven in combinatie met een gelijkblijvend, laag ophelderingspercentage.

Lees meer …

Heruitvinding van het OM

In een gesprek met een aantal leden van het OM, kwam plotseling de gedachte op dat het weer eens tijd werd voor een nieuw visiestuk van het OM. Wat een vreselijk woord, maar het gaat natuurlijk niet om het stuk, maar om de visie. Organisaties hebben, kennelijk, de behoefte om zich van tijd tot tijd, opnieuw uit te vinden; Philips doet zijn lichtdivisie de deur uit en concentreert zich op medische technologie; Shell gaat, eindelijk, ook in de alternatieve energie en Jumbo koopt de restaurantketen La Place uit de failliete boedel van VenD.

Lees meer …

Het Openbaar ministerie 1985-2015 als disciplinerend overheidsinstrument

Rinus Otte

Deel 1 Inleiding. Rationaliseringstendenzen Openbaar Ministerie
Het openbaar ministerie is sinds 30 jaar onderhorig aan rationaliseringstendensen die in het bijzonder gerelateerd worden aan het departementale beleidsplan Samenleving en Criminaliteit uit 1985. Sindsdien worden ontwikkelingen binnen het openbaar ministerie gekenschetst met noemers als beleidsvorming, eenheid, capaciteitssturing en instrumentalisering. Niet verwonderlijk, elk onderdeel van het overheidsdomein kan in deze noemers vervat worden. Overheidsfinanciën zijn schaars en vergen rechtvaardiging aan welk van de elk op zich legitieme overheidsdoelen prioriteit wordt gegeven. De beleidsontwikkeling van de geïndividualiseerde parketten naar meer eenheid via een landelijk College van P-G’s is bekend en daarop wordt regelmatig veel afgedongen.
De afstand tussen departement en openbaar ministerie zou te klein zijn, het openbaar ministerie zou tot een bureaucratische buitendienst zijn verworden, de fouten in strafzaken zouden illustreren hoe het openbaar ministerie disfunctioneert in de richting van een onbeheersbare productiemachine en de magistratelijkheid zou niet langer gericht zijn op de klassieke taak van rechtshandhaving. Voor een frontlinieorganisatie als het openbaar ministerie is deze kritiek sinds de jaren tachtig bekend maar hoeft daarmee nog geen overtuigende papieren te bezitten om het openbaar ministerie te diskwalificeren. Er is geen onderdeel van het publieke domein in vele rechtsstelsels dat zich heeft kunnen onttrekken aan overheids-en capaciteitssturing, beleidsvorming, eenheidsstreven en instrumentalisering. Deze internationale context mag op verzet stuiten, maar zou het openbaar ministerie anno 2016 toch ook niet schatplichtig jegens een grotere sturing zijn, zonder welke er geen professionalisering had kunnen plaatsvinden zoals die tot op heden zichtbaar is geworden?

Lees meer …

De opbrengst van handhaving

Handhaven doe je niet voor de lol. Het is een serieuze aangelegenheid. Als iedereen zich gewoon aan de regels zou houden, was handhaving niet nodig. Of misschien toch wel? Veel regels houden immers niet vanzelf stand, maar moeten van tijd tot tijd opnieuw worden ingeprent. Eén van de mechanismen om normen in te prenten, is het strafrecht. Dat kan pas in actie komen als er een vermoedelijke normschending heeft plaatsgevonden. Het is dus per definitie reactief. Daarnaast zijn er ook z.g. proactieve mechanismen om normen te vormen zoals opvoeding, onderwijs, sociale controle e.d.

Lees meer …

De positie van de Nationale Ombudsman in het licht van het stelsel van rechtsmiddelen

Op 12 november 2015 heeft de Nationale Ombudsman een rapport uitgebracht onder de titel Gegijzeld door het systeem. Onderzoek Nationale Ombudsman over het gijzelen van mensen die boetes wel willen maar niet kunnen betalen. Van Zutphen zegt zich grote zorgen te maken over de mens achter de gijzeling met financiële problemen waardoor zij juist in de situatie van de dreigende gijzeling zijn terechtgekomen. Hij wil een oplossing voor de situatie dat de gijzelingsdruk de vaak toch al benepen financiële positie verslechtert.

Lees meer …

Fraude is overal

Fraude is endemisch in onze samenleving. Populairder gezegd: Nederland staat stijf van de fraude. De afgelopen decennia heeft er een fraude epidemie plaats gevonden die ertoe heeft geleid dat het fraudevirus stevig in onze maatschappij heeft geworteld en tamelijk resistent is geworden tegen de aangewende bestrijdingsmiddelen.
Iedereen doet het. Accountants doen het en bestuurders doen het. Ceo’s doen het en directeuren ook. Het komt voor bij effectenhandelaren en bij fruitautomaten, bij garnalenvissers, horecaondernemers en insolventen. Nu is bedrog van alle tijden. Jacob deed het om het eerstgeboorterecht van zijn broer Esau af te nemen, koning David om de door hem begeerde Batsheba te verwerven. Maar bij ons lijkt het wel algemeen te zijn. Liefdadigheidsinstellingen doen het en maffiabazen, notarissen en oplichters. Het doet zich voor bij parkeercontroleurs en questores, bij reisbureaus en bij schoolleiders. Topsporters doen het en universitaire docenten; vastgoedondernemers en woningbouwcorporaties. Bij xenofoben en bij yuppen en tenslotte ook bij ziekenhuizen.
Nu zult U misschien zeggen dat het heel wat moeite moet hebben gekost om dit complete alfabet aan fraudeplegers bij elkaar te sprokkelen. Helemaal niet! Wilt U nog een alfabet vol? Artsen, bankiers, collectanten, douaniers, emissiehandelaren, fraudeurs, gemeenteraadsleden, hoogleraren, ict-bedrijven, journalisten, kassapersoneel, loonslaven en marktanalisten. Ik denk dat U mij de tweede reeks van N t/m Z wel wilt schenken.

Lees meer …

Gijzelingsverzoeken en rechtsgelijkheid

Het was van dik hout zaagt men planken en kort door de bocht in de NRC vorige week. Dinsdag op de voorpagina de kop: “Wanbetalers hoeven niet meer de cel in”, gevolgd door een uitvoerig artikel over de gijzeling als laatste middel om mensen hun boete te laten betalen. Daarna op woensdag een hoofdredactioneel commentaar waarin sprake was een crisis in de rechtspleging. Ik dacht: crisis in de rechtspleging, waar gaat dit over? Over het alsmaar dalende aantal rechterlijke vonnissen in misdrijfzaken, bijna 30% minder dan in 2005; over de (bijna) verdubbeling van het aantal vrijspraken tot zowat 10% of over de gedurig oplopende duur van de procedures?

Lees meer …

Vraag en antwoord over de gijzelingen door het OM en de geloofwaardigheid van de rechtspleging in het algemeen

1. De laatste tijd leggen kantonrechters veel gijzelingsvorderingen van het openbaar ministerie terzijde en willen deze niet behandelen [1]. Hoe zit dat?
Nee, dat is een vergissing. Dat doen en mogen rechters niet op straffe van rechtsweigering. Zelfs als deze al zwart op wit uit de mond van rechters wordt opgetekend, dan moet dat bij mijn integere collega’s gezien worden als een kennelijke verspreking of verschrijving. Het gaat om afwijzing van de vorderingen en daarover moet het debat gaan.

2. Het probleem is dat officieren van justitie gijzeling vorderen van mensen die niet kunnen betalen en de publieke opinie is dat kippen niet alleen worden kaal geplukt maar ook nog eens worden gegijzeld maar dat na ommekomst van de gijzeling de boete nog steeds betaald moet worden. Is dat juist?
Het probleem is zoals zo vaak complex van aard en rijk aan nuances. Een eenvoudige casus. Op straat vindt de bekeuring plaats van een burger die te hard rijdt of die zijn auto niet verzekerd heeft. Enige tijd later valt de acceptgiro op de mat. De betrokkene kan kiezen om de weg naar de officier van justitie of naar de rechter te maken of om de bekeuring of de boete te betalen. Als dat niet gebeurt valt na enige tijd een nieuwe acceptgiro in de bus, met een verhoging van 50 procent. De daaropvolgende keer is er een verhoging van 100 procent. Onverzekerd rijden staat standaard voor 390 Euro boete. Dat kan dus oplopen tot pakweg1200 Euro. Als de overtreder nog steeds niet betaalt kiest het Centraal Justitieel Incasso Bureau (hierna: CJIB) voor het innen van de vordering via de deurwaarder. Als deze aan de deur komt is het nog steeds mogelijk om met papieren in de hand duidelijk te maken dat men niet kan betalen en eventueel een betalingsregeling te treffen. Als betaling niet lukt en de betrokkene toont niet aan dat er geen betaling mogelijk is, hevelt het genoemde CJIB de zaak over naar het Openbaar Ministerie die een vordering tot gijzeling bij de kantonrechter indient. Er is dus een heel traject geweest om de betrokkene te laten betalen en zelf een betalingsregeling te treffen of voor te stellen aan justitie. Bovendien staat het de bekeurde vanaf het begin vrij de officier van justitie en/of de rechter een herbeoordeling te vragen. De uitvoerige fasen in de procedure dienen voorop te staan alsmede de kansen die een bekeurde heeft om een gijzelingsverzoek te voorkomen. Het beeld van een kippenplukkende justitie klopt daarom feitelijk niet.

Lees meer …

Min of meer of evenveel

Eind vorig jaar verscheen “Criminaliteit en Rechtshandhaving 2013”, een publicatie waar ik altijd naar uitkijk omdat er veel uit te leren valt over de prestaties van de strafrechtsketen. Ze ging vergezeld van een nietszeggende brief van de Minister van Veiligheid en Justitie. Je moet maar durven. Het eerst dat namelijk opvalt bij de bestudering van de cijfers is dat de productie, de omzet of als U wilt de output van politie, OM en rechters opnieuw behoorlijk is gedaald. Daarover wordt in de brief met geen woord gerept. Ik zal dat wel doen, daarover reppen (niet rappen) en daarbij tevens bekijken hoe de zaken die nog wel worden aangepakt worden bestraft en hoe lang dat duurt. Dit stuk gaat dus vooral over minder, soms ook over meer, maar in negatieve richting en soms verandert er niet zoveel.

Lees meer …