Tagarchief: Politie

Politiereorganisatie

Het presteren van bedrijven, commerciële organisaties, wordt afgemeten aan omzet en winst. De ontwikkeling van die twee outputfactoren bepaalt in hoge mate de aandelenkoers en dus de waarde van het bedrijf. Bij overheidsorganisaties ligt dat genuanceerder. Daar is, formeel, geen sprake van omzet en winst, maar kunnen de prestaties wel degelijk ook in dat soort termen worden bekeken. Bij de politie bijvoorbeeld waar de bestrijding van criminaliteit één van de maatschappelijke hoofdtaken is, ligt het voor de hand de omvang van de criminaliteit waarmee de politie zich bezighoudt, als omzet te beschouwen en de hoeveelheid opgeloste misdrijven als winst te definiëren. Lees meer …

Reactie op ‘Halve waarheden en gebrek aan kennis van zaken’ en naschrift

In zijn digitale column ‘Halve waarheden en gebrek aan kennis van zaken’ richt Dato Steenhuis zijn pijlen op ‘Criminaliteit en rechtshandhaving 2014’ (verder afgekort tot C&R) en het begeleidende nieuwsbericht. Wij, als redactielid en co-auteurs van deze publicatie, willen hierop reageren.

Steenhuis beweert o.a. het volgende:
1) “De conclusies zijn voorbarig en onvoldoende ondersteund door feiten.” En even later: “Al met al meen ik dat de conclusie dat de criminaliteit daalt niet mag worden getrokken op basis van de resultaten van de veiligheidsmonitor.”
2) “De toon in het begeleidend persbericht is nogal juichend en suggereert op zijn minst dat het goed gaat met de rechtshandhaving.”
Lees meer …

Halve waarheden en gebrek aan kennis van zaken

Een kleine maand geleden verscheen de rapportage Criminaliteit en Rechtshandhaving over het jaar 2014. In het begeleidende persbericht wordt gesproken van een daling van de criminaliteit, het aantal verdachten en het aantal strafzaken. De toon is nogal juichend en suggereert op zijn minst dat het goed gaat met de rechtshandhaving. Impliciet wordt een verband gelegd tussen het feit dat burgers zeggen minder criminaliteit hebben ondervonden dan tien jaar geleden en de daling van het aantal delicten dat de politie registreert. Jensma neemt, in zijn column in de NRC van 31 oktober jl. zowel de conclusies als de toon, nogal klakkeloos over. Lees meer …

Afzonderlijke strafkamers voor strafzaken tegen politieambtenaren?

Frans Bauduin

In al de jaren waarin ik nu als (straf)rechter actief ben, heb ik maar een enkele keer te maken gehad met een strafzaak waarbij een politieagent als verdachte was aangemerkt.

De eerste waar ik bij de rechtbank Amsterdam bij betrokken raakte was destijds een roemruchte zaak. De zaak Meta Hofman. Op 12 augustus 1981 kwam zij in haar woning om het leven door een op haar afgevuurde kogel afkomstig uit het dienstpistool van een politieambtenaar. Kort daarvoor had hij in de woning een waarschuwingsschot gelost in het plafond. De rechtbank verwierp in haar vonnis van 4 december 81 het beroep op noodweer en veroordeelde de politieman tot een gevangenisstraf van een jaar voor doodslag. De Amsterdamse politie was woedend; landelijk was er weinig begrip voor het vonnis. Kort daarna – in die tijd ging het nog snel – op 28 mei 1982 werd de agent door het Gerechtshof Amsterdam ontslagen van alle rechtsvervolging omdat de agent zich in de uitoefening van zijn bediening kon beroepen op noodweer (zie nog NJ 1983, 468). Lees meer …

De staande magistratuur laat het erbij zitten

Het Openbaar Ministerie is bezig om in hoog tempo het gezag over de opsporing te verliezen. Wat is het geval? In artikel 140 van het Wetboek van Strafvordering is bepaald dat het College van procureurs-generaal waakt over een richtige opsporing. Dat betekent naar mijn mening allereerst dat er voldoende moet worden opgespoord en dat er dus een redelijke verhouding moet zijn tussen het aantal gepleegde misdrijven en het aantal strafrechtelijke interventies.

Vervolgens betekent het dat de goede dingen moeten worden opgespoord. Er is namelijk lang niet genoeg capaciteit om bij alle geregistreerde misdrijven een onderzoek in te stellen. Het opsporen van de goede dingen betekent enerzijds dat er maatschappelijk verantwoorde keuzes moeten worden gemaakt, die voor slachtoffers en samenleving begrijpelijk zijn. Dat is geen eenvoudige opgave. De langdurige voorlopige hechtenis van de Damschreeuwer was voor velen onbegrijpelijk evenals de (voorlopige) keuze om de bankiers die de Liborrente hebben gemanipuleerd niet te vervolgen. Lees meer …