Tagarchief: Organisatie

Hoe rechtsstatelijk is de financiering van de Rechtspraak?

Sinds 2002 kent de Nederlandse rechtspraak een financieringsmodel waarin een groot deel van de organisatie van de rechtspraak bekostigd wordt op basis van – kort gezegd – de uitstroom van zaken vermenigvuldigd met een tarief per zaak dat driejaarlijks wordt vastgesteld. Op dat model oefent de Raad voor de rechtspraak sinds dit jaar fundamentele kritiek uit. Dat begon met de nieuwjaarstoespraak van Frits Bakker, de voorzitter van de Raad voor de rechtspraak, en werd in mei gevolgd door het van zijn hand afkomstige jaarbericht dat een onderdeel vormt van het jaarverslag van de rechtspraak over het jaar 2015.[1] Deze kritiek kreeg voor de zomer een uitgebreide onderbouwing in een op 17 juni 2016 in het NJB verschenen artikel van Kees Sterk en Frans van Dijk, respectievelijk vice-voorzitter en directeur van de Raad voor de rechtspraak.[2] Het verkondigen van dit (voor zover ik kan overzien: nieuwe) standpunt komt niet op een toevallig moment omdat er thans onderhandeld wordt over de prijzen voor het tijdvak 2017-2019. En het is vooral de wijze van vaststelling van die prijzen waarop de kritiek zich richt. De verwijten aan de regering zijn ernstig. De wet zou worden overtreden bij de financiering van de rechtspraak en dat zou de rechterlijke en institutionele onafhankelijkheid aantasten. In deze bijdrage beproef ik de vraag of dat verwijt terecht is. Omdat hun bijdrage de meest uitgebreide en meest onderbouwde is en ik er vanuit ga dat Sterk en Van Dijk namens de Raad voor de rechtspraak spreken, richt ik me in het bijzonder op hun artikel. Lees meer …

Kwaliteit en babyboomers

Het veel besproken Meerjarenplan van de Raad voor de rechtspraak en de presidenten van de gerechten besteedt nogal wat woorden aan de noodzaak de kwaliteit van de rechtspraak op peil te houden en te verbeteren. Daartoe worden allerlei meer of minder uitgewerkte voorstellen gepresenteerd. Opvallend afwezig daarbij is het gebruik van hen die – vaak met een bagage vol kennis en ervaring – de rechterlijke macht verlaten. En dan heb ik het over degenen die daartoe vanwege hun leeftijd worden gedwongen, onze pensionados, deze en de komende jaren vooral babyboomers.
Ja, het zijn 70-plussers, maar een, ik denk toenemend, aantal van hen is nog fit en zou best op de een of andere manier een bijdrage willen blijven leveren. Dat een rechter daarop vanwege de onverbiddelijke wettelijke grens (art. 46h lid 3 Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, als uitwerking van art. 117 lid 3 Grondwet) geen aanspraak heeft, is misschien nog wel te billijken. Je moet als organisatie niet in de positie terechtkomen dat je steeds senieler wordende rechters een pijnlijk zetje zou moeten geven (al speelt dat probleem helaas ook weleens op jongere leeftijd). Maar dat het helemaal niet kan, is niet alleen voor mogelijke gegadigden jammer. Het is ook iets waarmee de rechterlijke macht zichzelf tekort doet. Lees meer …

Naar een schriftelijk strafproces in hoger beroep

Iedere deelnemer aan het strafproces wenst in iedere aanleg een goede en zorgvuldige zaaksbehandeling. Daargelaten dat wat goed en zorgvuldig is voor ieder van die deelnemers verschillend zal zijn, zal iedereen het met mij eens zijn dat voor een goede en zorgvuldige behandeling middelen ter beschikking moeten worden gesteld. Ik zou zeggen dat de beschikbare middelen afhankelijk zijn van bredere politiek keuzes om ook andere kerntaken van de overheid (denk aan zorg en onderwijs) goed te financieren. Hoe dan ook lijkt het verstandig de voor de strafrechtspraak beschikbare middelen daar in te zetten waar ze vanuit strafvorderlijk oogpunt het meeste effect sorteren. Vanuit die gedachte zou ervoor gekozen kunnen worden om het zwaartepunt te leggen bij de behandeling in eerste aanleg. De herinneringen zijn dan nog het meest vers zodat het zowel in bewijstechnische zin als voor de normbevestiging vooral daar moet gebeuren. Het hoger beroep zou vervolgens minder als herkansing en meer als herstel van in eerste aanleg gemaakte fouten kunnen worden benut. Deze benadering (die natuurlijk meer uitwerking vergt dan een kort opiniërend blog kan bieden) brengt met zich dat in eerste aanleg alles uit de kast wordt gehaald om (onder meer) bovengenoemde strafvorderlijke doelen ten aanzien van bewijs en normbevestiging optimaal te dienen. Daarbij passen geen rechtbankrechters die zichzelf beschouwen als een eerste filter in de rechterlijke strafketen en ervan uitgaan dat het hof wel de puntjes op de i zet (hoewel daar bij hoven die hoe dan ook alles over doen en rechtbankvonnissen standaard vernietigen zonder meer begrip voor valt op te brengen). Wat er wel bij past, zijn hofrechters die zorgen voor een voortvarende en voortbouwende behandeling in hoger beroep. Wanneer immers het zwaartepunt in eerste aanleg ligt, moet de controle daarop ter verwezenlijking van eerder genoemde strafvorderlijke doelen snel gebeuren. Die snelheid heeft nog een andere belangrijk voordeel: het maakt mogelijk middelen vrij voor de eerste aanleg en zorgt er in ieder geval voor dat ook andere zaken voortvarend kunnen worden afgedaan (met als een soort Droste-effect dezelfde voordelen). Lees meer …

Moet de Persrichtlijn op de schop?

Onlangs moest juridisch commentator Folkert Jensma in zijn column “De Rechtsstaat” in NRC Handelsblad naar aanleiding van een bezoek van Russische rechtbankverslaggevers vaststellen dat het met de openbaarheid van onze gerechten maar zo zo is gesteld. Wie als journalist in Nederland zittingen wil bijwonen, moet allerlei bureaucratische hindernissen overwinnen. Dat wil je vandaag de dag niet graag aan Russen uitleggen.

Misschien kan Jensma enige hoop putten uit een uitspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) van 22 maart j.l. Lees meer …

Diversiteit in de rechtspraak: een discussieavond

In december 2014 heb ik een punt achter mijn bijdragen voor Ivoren Toga gezet, omdat ik per 1 januari 2015 het strafrecht voor insolventie zou verruilen. En zo houd ik mij sindsdien met veel plezier met faillissementen en schuldsaneringen bezig. Het bloed kruipt echter waar het niet gaan kan. Zo werd ik onlangs geprikkeld de blogtoetsen toch weer schoon te maken. Daarbij speelde ook mee dat de vaste rechterlijke inbreng in de Ivoren Toga met de overstap van Rinus Otte naar het OM was weggevallen. Gelukkig heb ik nog steeds banden met de strafrechtspleging, als voorzitter van de klachtencommissie politie eenheid Den Haag en de Nationale klachtencommissie politie en als lid van de Raad voor Strafrechttoepassing en Jeugdbescherming (RSJ). Genoeg reden dus te proberen de lezers van deze blogs weer af en toe met stof tot nadenken te besprenkelen. Lees meer …

Datamining en een datagestuurde strafvordering

1. Inleiding. Behoeften aan controle op de ‘onderwereld’ en noodzaak tot realistisch beleid
De wereld die wij zien voelt als een soep en in zekere zin is dat misschien ook wel zo, we weten niet wat er onder de oppervlakte drijft en beweegt. Dat gevoel transformeert continu in een gevoel van zekerheid als we denken iets meer te zien en te weten wat zich onder het oppervlak bevindt. De participerende waarnemer gaat met behulp van zijn nieuw vergaarde ‘feiten’ aan de slag om de ervaren werkelijkheid te herscheppen, te resetten in de richting van wat op dat moment wenselijk wordt geacht. Dat noemen we vaak innovatie, creativiteit, scheppingstalent. Maar zijn het de feiten die blootgelegd worden waarna met behulp van deductie, theorievorming, beleid en implementatie het herscheppen plaatsvindt of wordt de tevoren omlijnde uitkomst opgeleukt met geselecteerde feiten die relevant worden geacht om tot bouwstenen voor de innovatie te dienen?[1] Lees meer …

Politiereorganisatie

Het presteren van bedrijven, commerciële organisaties, wordt afgemeten aan omzet en winst. De ontwikkeling van die twee outputfactoren bepaalt in hoge mate de aandelenkoers en dus de waarde van het bedrijf. Bij overheidsorganisaties ligt dat genuanceerder. Daar is, formeel, geen sprake van omzet en winst, maar kunnen de prestaties wel degelijk ook in dat soort termen worden bekeken. Bij de politie bijvoorbeeld waar de bestrijding van criminaliteit één van de maatschappelijke hoofdtaken is, ligt het voor de hand de omvang van de criminaliteit waarmee de politie zich bezighoudt, als omzet te beschouwen en de hoeveelheid opgeloste misdrijven als winst te definiëren. Lees meer …

A-politieke rechters

Iedereen zal nog de televisiebeelden van het strafproces Wilders I op het netvlies hebben staan. Wat een spektakel was dat.
Het had veel weg van een bijeenkomst van acteurs die ieder voor zich in hun eigen voorstelling zaten, zoiets als wel gelijktijdig behandeld maar niet gevoegd.
De aanvankelijke hoofdpersoon Wilders wilde er op voorhand al een spektakel van maken zoals zijn eerst aangezochte raadsman Anker in De Wereld Draait Door suggereerde. Dan de uiteindelijke hoofdpersoon Bram Moszkowicz die de wens van zijn opdrachtgever meer dan waar maakte; hij moest ook wel, als het bericht klopt dat zijn einddeclaratie zich bewoog tussen de 5 en 6 ton. Maar hij wilde ook. De getuige Schalken die zich totaal verkeek op zijn rol en die van de rechtbank. Hij kwam in de veronderstelling dat hij als getuige terzake relevante vragen moest beantwoorden. Hij wist niet wat hem overkwam toen hij als acteur in dit theater onder de goedkeurende blikken van de rechtbank met Moszkowicz in de slag was over de kleur wijn die hij dronk. Het is wellicht het beeld dat het meest beklijft, dat van deze getuige met de door de rechtbank toegelaten aanval in de rug door Moszkowicz, die zijn (acteer)taak met bravoure uitvoerde. En tot slot de rechters die langzaam maar hard kennis maakten met het begrip beeldvorming en vooral de gevolgen van beeldvorming. De acteurs die op voorhand al in de rol van verliezers zaten hadden slechts een bijrol.
Heel Nederland keek mee en dacht een kijkje te krijgen in de keuken van het strafprocesrecht. Wraking leek een standaardprocedure te zijn en de advocaat heeft de regie over het gebeuren.
Na afloop werden er harde noten gekraakt, boeken geschreven en functies neergelegd.
Ook moest nog worden uitgelegd hoe dit nou kon, deze vrijspraak terwijl het gerechtshof in zeer harde bewoordingen de opdracht tot vervolging had gegeven. Het hof had toch gesproken over zaken die de strafbaarheid konden wegnemen maar ook juist konden versterken en dat dat bij Wilders het geval was ? Het hof had het Wilders toch zeer kwalijk genomen en hij maakte volgens het hof toch misbruik van zijn recht op vrije meningsuiting ? Als klap op de vuurpijl zag het hof in de wetsgeschiedenis toch geen beletsel, in tegendeel zelfs, om te concluderen dat Wilders zich schuldig had gemaakt aan een vorm van haatzaaien die naar Nederlands recht strafbaar is ?
Nederland kreeg helemaal geen kijkje in de keuken, Nederland zag een volledig a-typische procesvoering waarin alles anders leek dan het was. Was er wel een verdachte en wie was dat dan eigenlijk ? Lees meer …

Max W.

Rechtspraak, rationele mythes en de vloek van welvaart

Net als Karl Marx was de socioloog (en nog veel meer) Max Weber een denker van de moderne tijd. Beiden verschilden radicaal van elkaar. Weber was gefascineerd door de rationalisaties van het moderne kapitalisme waarvan hij het ontstaan in de westerse wereld, in sterk contrast tot Marx die de klassenstrijd als verklarende factor hanteerde, mede verklaarde uit het in Europa opgebloeide protestantisme met zijn ascetische en ethische, op arbeidsmoraal gerichte houding. Zijn invloed werkt tot op de dag van vandaag door en is voor het praktisch dagelijks leven vermoedelijk nog vele malen groter dan die van Karl Marx. Lees meer …

Afscheid van de rechtspraak 1995-2016

1. Aanleiding

In dit voorjaar heb ik afscheid genomen van de rechtspraak en treed ik toe tot het openbaar ministerie. Een ogenschijnlijk kleine overstap binnen de rechterlijke organisatie, maar het voelt voor mij als een grote stap. In dit voorlopig laatste blog over de rechtspraak wil ik afscheid nemen met een overdenking over de organisatie en een enkele bespiegeling over het systeem van de strafrechtspraak.

2. Drie ernstige ontwikkelingen

1. Buruma sprak zich nog niet zo lang geleden als volgt uit over de vrijheid van meningsuiting: Lees meer …