Tagarchief: Normativiteit

De betrekkelijkheid van het normatieve debat in het recht. De vertekening door de tijd

Vandaag, precies 20 jaar geleden, 26 november 1993, verdedigde ik mijn proefschrift aan de Katholieke Universiteit Brabant over het stelsel van gedragsregels in het wegverkeer. De redactie van Verkeersrecht vroeg mij voor een nieuwe reeks om de spits af te bijten met een terugblik op de dissertatie. Ik heb dat gedaan in deze terugblik.

Nog een korte inleiding op dat stuk. Een terechte relativering is dat een doorwrochte blik op het bestaande tijdsgewricht niet goed afkomstig kan zijn van een participant. Daarom wordt waarde gehecht aan een meer historische beschouwing omdat de doorvorser dan op grotere afstand staat. Ook dat doorvorsen is echter niet zo eenvoudig. Latere ontwikkelingen vertekenen het gewicht van toentertijd als groot of klein ervaren gebeurtenissen. Dit mechaniek werkt in het persoonlijke leven niet anders. Verdriet maken we soms groter omdat we het verlies of de krenking niet goed hebben kunnen vereffenen. Vreugdevolle gebeurtenissen worden soms groter gemaakt omdat we er de markeringen in onze levens in terugzien. Tegen deze achtergrond is er een zekere verwantschap tussen persoonlijke en vermeend wetenschappelijke opvattingen. We kleden onze opvattingen over feiten dan ook het liefst wetenschappelijk aan, met bijpassende wetenschappelijke woordkeuze, hetgeen echter niet kan verhelen dat oordelen vaker persoonlijk dan wetenschappelijk is. Lees meer …