Tagarchief: Klanten

Strafrechtstoepassing: een wankel evenwicht

Bij herhaling heb ik hier gesproken over de kwaliteit van de strafrechtspleging: over het ophelderingspercentage, de doorlooptijden van strafzaken en de straftoemeting. Ook heb ik het regelmatig gehad over de klanten/doelgroepen van het strafrecht: de dader, het slachtoffer en de samenleving als geheel. Maar tot nu toe heb ik kwaliteit en klanten, althans in het kader van deze columns, nog niet systematisch aan elkaar gekoppeld. Daarom opnieuw en ook weer een beetje anders.

Het strafrecht is er niet alleen en misschien wel niet in de eerste plaats voor de dader. Het strafprocesrecht wel. Het strafrecht is er om te vergelden, te vereffenen, te voorkomen, af te schrikken en normen te bevestigen. Anders dan het wel eens lijkt is de dader niet het subject, maar het object van het strafproces. Hij moet, bij voldoende verdenking dulden dat hij terecht moet staan en, bij voldoende bewijs wordt gestraft. Als die straf ertoe leidt dat verdere delicten worden voorkomen is dat prachtig, maar het is zeker niet het enige doel van de strafrechtelijke interventie. Die dient er evenzeer toe om vergeldingsgevoelens bij slachtoffers te kanaliseren en mogelijk te apaiseren. Gelukkig wordt dat steeds meer ingezien met als gevolg een versteviging van de positie van het slachtoffer, ook in het strafproces. Daarnaast is straffen ook bedoeld om af te schrikken. Degenen die niet uit normbesef, maar vanuit een afweging van kosten en baten afzien van het plegen van misdrijven moeten zoveel mogelijk de gedachte blijven koesteren dat de kosten blijvend hoger zijn dan de baten. Daarbij is niet alleen de strafmaat van belang maar ook de strafkans. Generale preventie heet dat, een enigszins in onbruik geraakt leerstuk.

Lees meer …