Tagarchief: Advocatuur

De smoesjescatalogus

De raadsman als delictscenarioschrijver

Tijdens mijn allereerste strafzitting (over een vordering tenuitvoerlegging) vroeg ik aan een raadsman waarom zijn cliënt er niet was. Hij wist het niet. Ik vroeg: zit hij soms in de gevangenis? Waarop hij met een theatraal gebaar naar zijn hart greep en uitriep: míjn cliënt in de gevangenis?! Het klopte. Zijn cliënt zat niet in de gevangenis, maar op het politiebureau. Vraag fout gesteld.

Sommige advocaten gaan vol voor het standpunt van hun cliënt, ook al is dit feitelijk of juridisch niet erg trefzeker of overtuigend. Mogelijk is hun cliënt na afloop tevreden, de feitelijke invloed van het pleidooi op de uitkomst van het proces is dan meestal beperkt. Andere advocaten concentreren zich meer op effectiviteit en kunnen zeer subtiel laten doorschemeren waar ze het standpunt van hun cliënt verwoorden en aan welke argumenten ze zelf veel of weinig gewicht toekennen. Als rechter vind ik die advocaten heel goed die in staat zijn dat te doen op basis van een reële inschatting van bijvoorbeeld feiten, jurisprudentie, het bewijsmateriaal. Die advocaten zijn meer dan evenredig invloedrijk, omdat ik bij hen nog wat meer geneigd ben op het puntje van mijn stoel te gaan zitten en gevolg te geven aan hetgeen zij zeggen dan bij advocaten die een soort vast patroon van verdediging laten zien, bijvoorbeeld met veel verve verweren voeren die in het licht van wet en jurisprudentie weinig kansrijk zijn.

Lees meer …

Graag meteen ook de antwoorden

Een advocaat mag niet liegen. Zeker niet tegen de rechter. Daar schijnt wisselend over gedacht te worden, maar dat ligt misschien aan de definitie. Ik versta eronder: bewust feitelijke onjuistheden voor waar meedelen, en dat mag dus niet. Ik denk trouwens dat de meeste advocaten ook helemaal niet willen liegen. Het maakt de boel ingewikkeld en het strafproces is al complex genoeg.
Voor de verdachte ligt het anders: hij mag alles, dus ook liegen dat het gedrukt staat. En veel verdachten zullen kleine of grote redenen hebben om, zoals wel parmantig in vonnissen staat, ‘de waarheid te bemantelen’. Of het wijs is om dat te doen is de vraag, en dat raakt aan een belangrijke taak voor de advocaat: de cliënt voorbereiden op de verhoren.
Niet altijd gemakkelijk. Ook voor de advocaat is er een afbreukrisico: je voelt je er toch op aangekeken als jouw cliënt tijdens het verhoor alle hoeken van de kamer ziet!
En waar bereid je eigenlijk op voor? De gemiddelde cliënt wil niet alleen de vragen horen die hij kan verwachten maar graag meteen ook de antwoorden. Maar iemand zijn verklaring kant-en-klaar voorschotelen is duidelijk niet de bedoeling. Van de raadsman wordt wel verwacht dat hij wijst op de juridische gevolgen van diverse te volgen strategieën, waaronder af te leggen verklaringen. Dat houdt dus in: de best mogelijke verklaring met de meeste kans op een gunstige afloop. Je ontkomt er dan niet aan om verschillende opties door te nemen, en het waarheidsgehalte hoeft niet doorslaggevend te zijn.
Het kan ook niet anders, want de advocaat is niet bezig met waarheidsvinding, maar met eenzijdige belangenbehartiging. Wat niet wegneemt dat hij de grens met zijn cliënt moet bewaken; die moet de bron van de verklaring zijn, niet zijn raadsman. Een potentieel mijnenveld.

Lees meer …

23 jaar advocatuur

Vrijdag 18 september 2015, om 15.45 uur, stond ik voor het laatst als raadsman een cliënt bij ter zitting van een rechter, in dit geval de openbare raadkamer van de rechtbank Amsterdam. Na ruim 23 jaar strafrechtadvocatuur stap ik over naar de rechterlijke macht. Dat geeft aanleiding tot enige overpeinzingen over de advocatuur en mijn ervaringen binnen die beroepsgroep. Die ervaringen beperken zich overigens tot één enkel advocatenkantoor. Ik ben in 1992 door Peter Plasman binnengehaald op zijn kantoor en ben daar al die tijd gebleven.

Lees meer …

Het nadeel van specialiseren in strafzaken

De verdediging in strafzaken heeft de laatste decennia een ontwikkeling doorgemaakt met als resultaat dat op dit moment voor elke verdachte de mogelijkheid van adequate en professionele rechtsbijstand voorhanden is, ook gefinancierd.
Een belangrijke factor bij die ontwikkeling is geweest dat steeds meer advocaten zich hebben gespecialiseerd in het strafrecht waarbij de titel strafrechtspecialist binnen de advocatuur een beschermde titel is geworden. Een strafrechtspecialist moet aan een aantal eisen voldoen waaronder minimaal 7 jaar advocaat zijn, een minimum aantal strafzaken hebben behandeld en de zeer intensieve en kostbare specialisatieopleiding hebben gevolgd. Onlangs sprak ik met een collega-advocaat die mij toevertrouwde dat hij elk jaar toch wel minimaal één strafzaak wilde doen om zo het gevoel met de strafrechtpraktijk niet te verliezen. Ik vroeg maar niet of zijn cliënt dat ook wist maar dacht wel dat dat toch eigenlijk verboden zou moeten zijn. Anders dan in de media wordt gesuggereerd heeft elke verdachte toegang tot een specialist in strafzaken en vooral verdachten die zich in voorlopige hechtenis bevinden komen daar vaak – maar helaas niet altijd – op tijd achter.
De verdachte maar ook het hele systeem heeft er baat bij dat het strafrecht wordt beoefend door professionals en naar mijn mening zouden advocaten die strafrecht doen zich alleen maar met strafrecht en aanverwante problematiek moeten bezig houden.
En wat voor het strafrecht geldt geldt natuurlijk ook voor een aantal andere rechtsgebieden, steeds meer is het schoenmaker, hou je bij je leest.

Lees meer …

Gefinancierde rechtsbijstand, mag het iets minder?

“Bezuinigingen op de gefinancierde rechtsbijstand in strafzaken zullen het strafproces in de kern raken, uiteindelijk leiden tot hogere kosten en het risico op onterechte veroordelingen vergroten”.

Zo luidt de aanhef van een recent gemeenschappelijk schrijven van de voorzitters van de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten (NVSA), de Vereniging van Cassatieadvocaten in Strafzaken (VCAS) en de Nederlandse Vereniging van Jonge Strafrechtadvocaten (NVJSA). In de brief wordt stelling genomen tegen de aangekondigde bezuinigingen van (nog eens) 85 miljoen euro op de gefinancierde rechtsbijstand. Als lid van twee van deze verenigingen heb ik met meer dan gewone belangstelling kennis genomen van de geschetste gevolgen van deze bezuinigingen.

Lees meer …