Categoriearchief: Opinie

De OM-strafbeschikking. Deel 2. Straffen als de rechter is makkelijker gezegd dan gedaan

Mijn vorige bijdrage eindigde ik met de constatering dat de prestaties van de officier van justitie in de strafbeschikkingenpraktijk niet strenger zouden moeten worden beoordeeld dan de prestaties van de officier van justitie in de dagvaardingspraktijk en van de strafrechter. Dat de officier van justitie die een strafbeschikking oplegt rechterlijke kwaliteit moet leveren volgt uit de bedoeling van de wetgever. Die bedoeling komt erop neer dat het openbaar ministerie wat schuld- en strafvaststelling betreft een rechterlijk niveau dient te halen met een rechterlijke gerichtheid. In procedurele zin moet een eigen ‘staande’ procedure gevolgd worden die slechts aan minimale randvoorwaarden voldoet om het rechterlijk niveau en de rechterlijke gerichtheid te borgen. In deze bijdrage wil ik het vooral hebben over de rechterlijke gerichtheid ten aanzien van de straftoemeting. Daarbij put ik wederom op het door mij verrichte onderzoek met betrekking tot de OM-strafbeschikking dat onlangs verscheen. Lees meer …

Over e- en remigratie van rechtspraak

De feestdagen zijn alweer een tijdje voorbij. Sinterklaas is terug naar Catalonië, de discussies over Zwarte Piet weer even in de ijskast.

In mijn jeugd ging de discussie niet zozeer over Zwarte Piet, maar over Sinterklaas. Je had toen nog conservatieve protestanten die zich verzetten tegen het rooms-katholieke karakter van de goedheiligman. Feministen stoorden zich daarentegen aan het patriarchale en vermeend vrouw-onvriendelijke karakter van de kindervriend en zijn knechts. De enige die zich dacht ik niet druk heeft gemaakt over de persiflage die de Sint onmiskenbaar ook is van het heilige bisschopsambt, is de katholieke kerk. Misschien omdat kinderen door Sinterklaas niet worden gestimuleerd tot het vervolgen van protestanten, het onderdrukken van vrouwen of zich be- of afkeren van de roomse kerk. Kinderen zijn vrij goed in staat onderscheid te maken tussen sprookjes, films en computerspelletjes en de wereld van goed en kwaad, al zijn er natuurlijk grenzen te bewaken. Lees meer …

Transparantie

In april 2014, al weer bijna 4 jaar geleden, schreef ik een column over het voornemen van de Raad voor de Rechtspraak, om de doorlooptijden in 2018 met 40% te hebben gereduceerd. De titel van de column luidde: sneller recht is beter dan beter recht. Ik toonde mij ingenomen met het voornemen van de Raad, met als kanttekening dat nog niet zo heel erg duidelijk werd, wat er nu precies in 2018 moest zijn bereikt.

Dat jaar is inmiddels aangebroken, wat het zal brengen is nog niet bekend en of de geformuleerde doelstellingen zullen worden gehaald zal pas in oktober 2019 kunnen worden bekend gemaakt. Dan verschijnt namelijk de jaarlijkse publicatie van Raad, WODC en CBS onder de tittel Criminaliteit en Rechtshandhaving, een zeer nuttig overzicht van de prestaties van de strafrechtsketen. Lees meer …

Brein, gedrag, agressie en veerkracht: 40-min-1 jaar na Buikhuisen’s Leidse oratie

Door Frans L. Leeuw (WODC en Universiteit Maastricht)

In een vorige column schreef Dato Steenhuis over Wouter Buikhuisen en hoe met zijn gedachtengoed is “omgegaan”, om het vriendelijk te zeggen. Steenhuis’ poging wijlen Piet Grijs na te bootsen in een gefingeerde column over de (academische) moord op Buikhuisen, was interessant. Het daarin gekozen historische perspectief roept de vraag op wat inhoudelijk over het erfgoed van Buikhuisen in het heden te zeggen valt. Daar is namelijk alle reden toe, bijna 40 jaar nadat hij zijn Leidse inaugurale rede (Kriminologie in biosociaal perspectief, 1979) uitsprak.
Waar het zo’n 4, 5 decennia geleden nog om zeer kleine aantallen wetenschappers ging die naar biologische aspecten van criminaliteit keken [1], zoals Adrian Raine in zijn The Psychopathology of Crime (1993) of Wouter Buikhuisen zelf, dat beeld is de laatste 10 – 15 jaar grondig veranderd. Neuro-criminologie, het bio-psychosociale model en sociale neurowetenschappen (Cacioppi & Cacioppi, 2013)[2] worden steeds belangrijker. Ook cyber crimes worden vanuit dit kennisfonds geanalyseerd. Lees meer …

Schikken op de zitting ook in strafzaken?

Afgelopen zomer sprak de Nederlandse Juristen Vereniging (NJV) over de vele soorten procesvormen die ons rechtssysteem rijk is. Vraag was in het bijzonder of allerlei procedures niet aan vernieuwing, vervanging of afschaffing toe zijn. Daarbij kwam met name aan de orde of geschillen op een andere wijze dan door middel van een vonnis de wereld uit moeten worden geholpen. Opvallend was dat dit voornamelijk bij civiel- en bestuursrecht uitvoerig werd besproken, maar veel minder in het kader van het strafrecht. Toch zou ook daar vaker dan nu eraan kunnen worden gedacht zaken anders dan (alleen) door het nemen van een beslissing af te doen. Lees meer …

De OM-strafbeschikking. Deel 1. Het ontbrekende bewijs van structureel onzorgvuldige schuldvaststellingen

De strafbeschikking is een vorm van strafrechtelijke conflictbeslechting die erg onder druk staat. Aangejaagd door verschillende kritische artikelen en rapporten lijkt de waardering voor de strafbeschikking niet hoog te zijn. Dat kritisch wordt omgezien naar de kwaliteit van de strafbeschikking is zonder meer terecht. Het openbaar ministerie (ik richt me in dit en een volgend blog slechts op de OM-strafbeschikking) heeft daarmee immers de mogelijkheid gekregen om datgene te doen wat tot de introductie van de strafbeschikking in 2008 het exclusieve domein van de strafrechter was: straffen. Bij die mogelijkheid hoort een zware verantwoordelijkheid: die straf is slechts dan gerechtvaardigd indien de officier van justitie tot een schuldvaststelling komt. En daar mogen hoge eisen aan worden gesteld. Lees meer …

Zullen computers rechtspreken? (ja, als…)

Het is een hip onderwerp, en niet alleen in films en non fictie bestsellers: gaan computers binnenkort ons werk overnemen? Menigeen zal in het achterhoofd zijn beroepswerkzaamheden hebben nagelopen op onvervangbare want diep-menselijke kwaliteiten, in de hoop dat het zijn tijd wel zal duren voor hij stekkers af moet gaan stoffen. Maar als je het nieuws mag geloven kunnen computers zichzelf go leren spelen en zonnestelsels opsporen dus nou ja, dan lijken we niet kinderachtig te moeten doen over zeg het beoordelen van een diefstal bij Albert Heijn. Lees meer …

De rechter en de leraar

Strafrechters verdienen veel meer dan leraren en dat is niet rechtvaardig. Waarom niet? Ze hebben beiden een handhavende taak. De rechter voert die uit in de rechtszaal waar hij moet beslissen over strafbare feiten die hem door het OM worden voorgelegd. Het is zijn hoofdtaak. Hij is een formele handhaver. Zijn optreden wordt gestuurd door het Wetboek van Strafvordering.

De leraar handhaaft de orde in de klas. Zijn hoofdtaak is lesgeven, maar die taak kan alleen goed vervuld worden als het in de klas enigszins ordelijk toegaat. De regels die daarvoor gelden zijn niet in een wet vastgelegd maar in belangrijke mate ter beoordeling van de leraar. Ik noem dat informele handhaving Lees meer …

De buurtrechter

Jaren geleden zag ik eens een documentaire over Karol Wojtyła. Die man, die later paus zou worden, was sportief aangelegd. Zijn vrienden beschreven een kanotocht met hem en op zondag moest hij als priester natuurlijk de mis opdragen en zij moesten die bijwonen. Voor een mis heb je weinig nodig. Van zijn omgekeerde kano maakte Karol een altaar en de roeiriemen knoopte hij samen tot een kruis.

Voor rechtspraak heb je nog minder nodig. Na de verwoesting van Sint Maarten door de orkaan Irma, weet ik dat je voor een eerlijk proces zelfs geen tafel nodig hebt (al is die wel handig). Een laptop of pen en notitieblok volstaan, een dossier (digitaal of op papier, desnoods nat geregend) en partijen. En een droge ruimte ook, al zou je zelfs op het marktplein recht kunnen spreken. Lees meer …

Een ieder wordt geacht de wet te kennen

De wetsregel die de Nederlanders waarschijnlijk het beste kennen, is artikel 461 Wetboek van Strafrecht. Althans, iedereen weet van de vele bordjes in onze bossen en duinen dat deze bepaling bestaat. Het overgrote deel van de bevolking zal ook nog wel begrijpen dat artikel 461 iets met verboden toegang te maken heeft. Weinigen zullen echter een idee hebben van wat er precies in staat. (En ik weet niet of kennis daarvan bijvoorbeeld onderdeel van de voor immigranten verplichte inburgeringscursus vormt.) Lees meer …