Misdrijven tegen het leven; zaken en verdachten?

De criminaliteit die door de politie wordt geregistreerd daalt gestaag. Werden in 2005 nog bijna 1.350.000 misdrijven geregistreerd, in 2014 waren dat er nog maar net 1 miljoen (1.006.777). Dat is bijna een kwart minder. In de publicatie Criminaliteit en Rechtshandhaving 2014 wordt in hoofdstuk 4, onder de titel “Misdrijven en Opsporing” (pagina 21 t/m 25) nader op deze ontwikkeling ingegaan. Ook het ophelderingspercentage en het aantal geregistreerde verdachten komen daar aan de orde.

In het volgende hoofdstuk gaat het over de vervolging. Wat het OM aan zaken krijgt aangeleverd, hoe het daarmee omgaat en hoe die worden afgehandeld. Het lijkt voor de hand te liggen, dat als de politie steeds minder registreert, bij een ongeveer gelijkblijvende opheldering, het aantal zaken dat bij het OM binnenkomt, ook daalt. Dat blijkt ook het geval te zijn maar de daling bij het OM gaat aanvankelijk een stuk sneller dan bij de politie. Als die (laatste) in 2010 nog maar 8% is gedaald (indexcijfer 92) ten opzichte van 2007, is de daling bij het OM al 22% (index 78). Daarna krabbelt het aantal ingeschreven zaken weer wat op en begint het aantal geregistreerde zaken pas echt te dalen. Aan het eind van de rit tussen 2007 en 2014 is de daling vrijwel gelijk: index 77 voor de politie en 78 bij het OM.

Die daling verloopt nogal verschillend voor de diverse groepen misdrijven. Zoals gezegd dalen de totaal geregistreerde criminaliteit en de bij het OM ingeschreven zaken ongeveer evenveel te weten met respectievelijk 23 en 22%. Merkwaardig genoeg is dat “evenwicht” bij geen enkele van de grotere subgroepen van misdrijven terug te vinden. Alleen bij de vernielingen valt ook een ongeveer gelijke daling te zien, maar die is daar veel sterker dan bij de totaalcijfers namelijk respectievelijk 45 en 42%. Bij alle andere groepen, met uitzondering van de verkeersdelicten is de daling bij het OM (veel) kleiner dan bij de politieregistratie. Relatief het grootst is de kloof bij de vermogensmisdrijven, kwantitatief gezien verreweg de grootste groep. Daar daalt het aantal door de politie geregistreerde misdrijven met 14%, dat is minder dan het totaal, maar het OM merkt daar bijna niets van, want de instroom aan vermogensmisdrijven gaat slechts met 2% naar beneden. Ook bij de mishandeling en de seksuele misdrijven gaapt er een behoorlijk gat; in beide gevallen is de daling van de bij het OM ingeschreven zaken maar ongeveer half zo groot als die van de geregistreerde criminaliteit. Bij de totale categorie geweld en seksuele misdrijven is de verhouding 15 tegen 23%. Bij de al genoemde verkeersmisdrijven is de situatie omgekeerd: daar daalt de instroom bij het OM met maar liefst 45%, terwijl bij de politie “slechts” 32% minder van deze misdrijven worden geregistreerd. Bij de levensmisdrijven is de situatie met geen van de andere te vergelijken. Ik kom daar zo dadelijk op terug.

Tussen de geregistreerde criminaliteit en de bij het OM ingeschreven zaken zit nog een andere variabele en dat is het aantal (door de politie) geregistreerde verdachten. En daarmee is iets heel merkwaardigs aan de hand.

Aan de ene kant daalt, voor de criminaliteit als totaal, dit getal namelijk veel sneller dan voor de andere genoemde cijfers. In 2007 werden er nog bijna 500.000 verdachten geregistreerd, maar in 2014 waren daar nog maar net 300.000 van over. Dat leidt tot een indexcijfer van 63 en dus tot de conclusie dat waar de geregistreerde criminaliteit en het aantal zaken bij het OM, in totaal, met bijna een kwart teruglopen, het verlies aan verdachten meer dan een derde is.

Ook hier is het verloop van die daling zeer verschillend voor verschillende soorten/groepen misdrijven, maar een vaste regel is dat die daling bij alle genoemde groepen groter is dan die van de geregistreerde misdrijven en (dus) veel groter dan de instroom bij het OM. Behalve bij de misdrijven tegen het leven. Daar is iets heel bijzonders aan de hand.

In 2007 registreert de politie 1600 levensmisdrijven. Dat leidt tot 2230 geregistreerde verdachten en tot 2669 zaken die bij het OM worden ingeschreven. In 2014 is het aantal levensdelicten dat door de politie wordt vastgelegd, meer dan verdubbeld tot 3310. Dat levert echter naar verhouding veel minder verdachten op te weten 3210 en nog heel veel minder zaken bij het OM namelijk slechts 1724.

Anders gezegd, als je in alle gevallen 2007 als basisjaar neemt met een index van 100, dan is de (geregistreerde) zakenindex in 2014 gestegen tot 207. De verdachtenindex blijft daar met 144 aanzienlijk bij achter en de OM index is gedaald tot 65. Nog anders geformuleerd: uit meer dan 2x zoveel geregistreerde misdrijven als in 2005, produceert de politie in 2014 voor het OM nog maar 65% van het aantal zaken in 2005. Was de verhouding tussen politieregistratie en OM inschrijving in 2005 nog 1.62 in 2014 was die nog maar 0.53. Dat is nog geen derde van destijds.

Wat verder opvalt dat in 2009 het aantal door de politie geregistreerde levensmisdrijven opeens bijna verdubbelt ten opzichte van het jaar daarvoor namelijk van 1650 naar 3200. In 2011 is het zelfs opgelopen tot 4100 om daarna langzaam te dalen tot de 3310 gevallen in 2014. Wat is hier aan de hand? Ik zou het niet weten en ik ga er ook niet over speculeren. Het lijkt me een mooie uitdaging voor de auteurs van Criminaliteit en Rechtshandhaving of van de aanleverende instanties, om hun licht eens over deze merkwaardige cijfers te laten schijnen.

Dato Steenhuis
Tot enkele jaren geleden Procureur-Generaal en lid van het College van Procureurs-Generaal Openbaar Ministerie