De gehoorde getuige

Het is niet elke advocaat gegeven om ter terechtzitting gehoorde getuigen die reeds eerder door de politie zijn gehoord op zodanige wijze vragen te stellen dat het daadwerkelijk bijdraagt tot de oordeelsvorming over de feitelijke toedracht in een strafzaak. Sterker, in een kwart eeuw rechtspraktijk ben ik slechts een paar handenvol advocaten (alsook rechters en officieren van justitie) tegengekomen die het echt in de vingers hebben. Ik meen dan ook regelmatig een zekere teleurstelling te bespeuren bij toeschouwers die door Amerikaanse tv-series en films gewend zijn aan spannende getuigenverhoren die de zaak volledig op zijn kop zetten. Dat komt deels door de beperkte aandacht voor dit deel van de rechtspleging in de diverse opleidingen. Er bestaan weliswaar cursussen getuigenverhoren doch veelal houden die niet veel meer in dan enige tips en tricks en een enkele oefening via een rollenspel. De kunst van het verhoren moet in de praktijk worden geleerd en daar heeft de een nu eenmaal meer aanleg voor dan de ander. Een andere reden voor dit matige vuurwerk in de rechtszaal is gelegen in ons rechtssysteem waarin voor kruisverhoren geen plaats (en tijd) is ingeruimd.

Moeten we de getuigenverhoren dan maar aan de politie overlaten? Advocaten rillen bij die gedachte. Vertel dat maar eens aan de cliënt die bij hoog en laag beweert dat die belastende getuige liegt. Die getuige moet door zijn advocaat ontmaskerd worden. Liefst op de terechtzitting maar anders dan toch zeker op het kabinet van de rechter-commissaris. En als het al niet om een liegende getuige gaat dan is toch zeker diens verklaring door de politie verdraaid. Want, zo zegt de cliënt, dat heeft hij zelf van die getuige gehoord. Dus de advocaat klimt in de pen om een getuigenverzoek te doen en -wijs geworden door het recente overzichtsarrest van de Hoge Raad– motiveert dat getuigenverzoek zo goed mogelijk en deponeert het verzoek vooral tijdig in het juiste postvak.

Na weken, maanden en soms jaren is het dan zover. De getuige wordt gehoord. De advocaat zit -zo mag worden verondersteld- klaar met een lijst vol vragen volgens een goed doordacht verhoorplan. Dan gaat het echter regelmatig al snel mis voor hem.
“U heeft bij de politie een verklaring afgelegd, klopt die verklaring?” Menig rechter begint een getuigenverhoor op deze wijze. Nadat de getuige de vraag volmondig heeft beaamd -hij wenst uiteraard niet voor leugenaar uitgemaakt te worden- en de rechter nog wat meer vragen heeft gesteld over de eerdere verklaring die de getuige heeft afgelegd mag, nadat ook de officier van justitie zijn vragen heeft gesteld, de advocaat proberen te redden wat er voor zijn cliënt te redden valt. Detail na detail wordt besproken, de getuige kan het zich echter na al die tijd niet meer zo goed herinneren, maar wat bij de politie is verteld dat klopt, dat heeft hij immers al gezegd.

De toegevoegde waarde van een dergelijk getuigenverhoor is gering, zo niet nihil. De betrouwbaarheid van de getuige laat zich niet op deze manier toetsen. Dat kan anders. Wat is er op tegen als degene die om het getuigenverhoor heeft verzocht -doorgaans de verdediging- begint met het verhoor. Weliswaar schrijft artikel 292 Sv voor dat ter terechtzitting eerst de rechter vragen stelt aan de eerder in het onderzoek gehoorde getuige maar daarvan mag van de Hoge Raad worden afgeweken. Als de advocaat zijn vragen kan stellen in de door hem gewenste volgorde -zonder dat het gras hem voor de voeten is weggemaaid- kan dat naar mijn stellige mening vaker leiden tot zinvolle getuigenverhoren. En wie weet tot meer advocaten die zich daadwerkelijk bekwamen in de kunst van het verhoren van getuigen. Belangrijker nog voor de toetsing van de betrouwbaarheid van een getuige is evenwel een goede verslaglegging van het politieverhoor. In zaken met een strafbedreiging van 12 jaar of meer en zaken met evident zwaar lichamelijk letsel en bij zware zedendelicten geldt een aanwijzing die auditief en/of audiovisueel registreren van getuigenverhoren verplicht stelt. Dat is mooi, hoewel het nogal eens hapert bij de uitvoering ervan.

In de huis- tuin en keukenzaken worden getuigenverhoren echter nog altijd op archaïsche wijze vastgelegd. De getuige verklaart een en ander, een politieambtenaar vat die verklaring samen en typt dat uit. De getuige leest die verklaring hopelijk nog eens door en zet zijn handtekening. Niet zelden zal de getuige meer hebben verklaard dan wat er in de verklaring is opgenomen. Niet zelden zal hetgeen de getuige heeft verklaard net even anders op papier zijn gekomen. Dat zal voor de getuige doorgaans geen reden zijn om de verklaring niet te ondertekenen. De politie zal wel weten wat belangrijk is en wat niet. Zelfs als de verklaring zo volledig mogelijk op papier is gekomen zal die verklaring zelden op goede en controleerbare wijze de emoties en twijfels van de getuige weergeven. Toch niet onbelangrijk bij de beoordeling van de betrouwbaarheid van die verklaring.

Soms lijkt een getuigenverhoor met grotere nauwgezetheid op papier te zijn gesteld, in het bijzonder als het getuigenverhoor in vraag-antwoord vorm is weergegeven. Dat suggereert een letterlijke uitwerking die het evenwel zelden of nooit is. Slechts bij auditieve (en nog beter: audiovisuele) opname van het verhoor en een transcript uitwerking daarvan is sprake van een letterlijke weergave van de getuigenverklaring. Zo’n transcript uitwerking is evenwel bijzonder tijdrovend en dus duur. Daar zal ik dan ook niet de handen voor op elkaar krijgen. Maar het auditief opnemen van alle getuigenverhoren en toevoeging daarvan aan het (digitale) dossier moet toch niet ingewikkeld zijn. Desgewenst kan de verdediging vervolgens een transcriptiebureau inschakelen om een transcript te verzorgen. Die kosten zouden dan op de voet van art. 591 Sv voor vergoeding in aanmerking kunnen komen.

Het zou mij niet verbazen dat er juist in de grote bulk van huis- tuin en keukenzaken zittingsruimte kan worden gewonnen en de strafprocedure als geheel sneller zal verlopen als het obligate verhoren van getuigen achterwege kan worden gelaten als gevolg van een nauwgezette weergave van bij de politie afgelegde getuigenverklaringen. Maar als die getuige dan toch op verzoek van de verdediging wordt gehoord ter terechtzitting, laat de advocaat dan zelf het gras maaien.

Marcel van der Voet
Strafrechtadvocaat